Indonesie

SELAMAT DATANG – WELKOM – HORAS !!!

Beste Green Wood Travel klant,
Klik voor een grotere versie.
Klik op de kaart voor een grotere versie.

Een korte inleiding over wat wij u kunnen bieden in Sumatra.

Ons uitgangspunt is dat iedere gast weer uniek is. Met de programma’s die wij voor u hebben samengesteld, garanderen we u vele onvergetelijke ervaringen. Wij laten u kennis maken met wilde dieren, waaronder de Orang Oetans, we reizen door prachtige natuurgebieden met een rijke flora en fauna. Daarnaast bezoeken we traditionele dorpen en steden waar u een goede indruk van de rijke Indonesische culturen krijgt.

Green Wood Travel werkt samen met een van de beste reisorganisaties op Sumatra. Deze heeft een jarenlange ervaring met de organisatie van reizen door heel Indonesië en bij uitstek op Sumatra. Wij zullen proberen om u, op iedere dag van uw reis weer iets extra’s mee te geven. Dat doen we omdat wij dit prettig vinden. Natuurlijk ook omdat u gebruik maakt van onze service en ervaring van het organiseren van avontuurlijke reizen.

Wij bieden u complete tours met ‘alles erop en eraan’, maar al te graag spelen wij ook op uw eigen wensen in. Wilt u programmaonderdelen veranderen dan is dat geen enkel probleem. Bepreekt u wensen gewoon met ons, wij staan er open voor!

We wensen u veel lees plezier en iets later .......... een fantastische tijd in Sumatra toe!
Medan

Medan CityMedan is de hoofdstad van de provincie Noord-Sumatra. Tegenwoordig is de stad het centrum van de rubbercultuur en van het beroemde tabak gebied van Deli. Medan is een modern aangelegde stad met brede straten. Net als vrijwel alle andere Indonesische steden geeft ze de indruk elk moment uit haar voegen te barsten en is de verkeerschaos alom. Vooral de motorfietsen met zijspan, de zogenaamde betjak motor zorgen voor een hoge graad van luchtverontreiniging. Dit is de manier om je in Medan te verplaatsen, alhoewel u al zittende in het bakkie het idee hebt in scherpe bochten los te komen van de fiets zelf. Voor de doorbraak van het gemotoriseerde verkeer was Medan een prettige stad om in te wonen, met brede straten en een rijke architectuur. Ondanks de huidige woningnood, verkeerschaos, gebrekkige rioleringen en een tekort aan voorzieningen zoeken nog jaarlijks vele Sumatranen hun geluk in deze stad.

Geschiedenis Medan Lees Verder>>>>>


Bezienswaardigheden Medan

Grote moskee van MedanMasjid RayaDe Masjid Raya, de Grote moskee van Medan dateert uit 1906 en is in Rococo-stijl gebouwd. Bouwmeester was de Amsterdamse architect A.J. Dingemans. Naast het gebouw ligt een grote vijver.

MaimoonpaleisEen andere bezienswaardigheid is het uit 1888 daterende Maimoon Paleis van de voormalige sultan van Deli. Het paleis, waar de sultan nog altijd met zijn familie woont, is voor het publiek opengesteld. Te bezichtigen zijn oude foto's van onder andere vroegere sultans in Nederlands officiersuniform, schilderijen, meubelstukken en wapens uit de koloniale periode. De sultanstroon ziet er met zijn mysterieuze baldakijn erboven uit als een sprookje uit Duizend en een nacht. Hij wordt nog altijd gebruikt op Islamitische feestdagen, wanneer de elite van Medan op audiëntie komt bij de sultan.

Koloniale gebouwen
Koloniale gebouwen De vele oude koloniale gebouwen van Medan, waarvan de meeste in Amsterdamse school-stijl, herinneren aan de tijd van de Nederlandse planters. Goed bewaard gebleven zijn het hoofdpostkantoor, de vroegere Witte sociëteit (nu de Bank Negara), Grand Hotel Medan (nu de Granada Medan), de estate offices of Harrison & Crosfields (nu P.T. London Sumatra) en Hotel de Boer (nu het Natour Dharma Deli Hotel). Het laatste hotel was voor de planters een belangrijke plek. Tijdens de tweemaandelijkse hari besar (grote dag), de vrije dag die volgde op de betaaldag van de koelies, kwamen de planters hier samen om te rijsttafelen en nieuwtjes uit te wisselen. Het afreageren van het tweeweekse isolement op de plantage schijnt er af en toe ruig aan toe gegaan te zijn.

De Immanuel kerk uit 1921 is een fraai voorbeeld van art-deco architectuur.
Ook bevindt zich hier het voormalig kantoor van de Deli maatschappij in Medan. Dit gebouw is in 1869 door de Nederlandse planter Nienhuys gebouwd. Tegenwoordig huisvest het oude kantoor een landbouwkundig instituut.Vihara Gunung TimurIndonesies grootste Chinese tempel, de Vihara Gunung Timur, ligt aan de Jalan Hang Tua. In de tempel bidden Taoisten en Boeddhisten. Men gelooft dat er zoveel kracht van het binnenste van de tempel uitgaat dat foto's ervan gedoemd zijn te mislukken. Dit is niet te testen, want fotograferen is in het binnenste van de tempel verboden. De Boeddhisten van de stad hebben nog een tempel; de Vihara Borobudur, gelegen naast het Danau Toba Hotel.

Terug naar top
Bohorok / Bukit Lawang

Nationale Park Gunung LeuserBij dit plaatsje, gelegen in het regenwoud aan de rand van het Nationale Park Gunung Leuser, ligt het rehabilitatie centrum voor Orang Oetans. Deze pas in de vorige eeuw ontdekte mensaap heet in het Nederlands jungle-mens: orang (mens) oetan (jungle).Het is al een paar jaar een populair reisdoel van backpackers en dagjesmensen, die hier komen kijken hoe de orang oetangs gevoerd worden. De bestemming wordt ook vaak aangeduid met Bukit Lawang, de naam van het nabijgelegen dorp.

U kunt een kijkje gaan nemen bij het voederen van de orang oetangs . De voederplaats is niet ver van de losmens langs de rivier, maar je moet deze wel oversteken. Ga niet met meer dan zes personen in de kano want dat kan gevaarlijk zijn.

Jungletocht
Na het voederen kunt u onder begeleiding van een gids van het World Wildlife Fund een tocht dieper de jungle in maken. Hou er bij een jungletocht rekening mee dat regen hier onaangekondigd in grote hoeveelheden naar beneden komt en dat je door en door nat wordt. Jaarlijks valt hier 2000 mm.
Zelf hebben we onze bedenkingen bij trektochten door een gebied waar orang oetangs moeten leren te leven zonder mensen.

Tubbing
Een geweldige ervaring is het 'tubbing' ofwel het per binnenband afzakken van de rivier. De grote brug over de rivier, tien kilometer verderop, is het eindpunt, vanwaar je een vrachtwagen terug naar Bohorok neemt. U doet ongeveer drie uur over de totale tocht. Bij laag water moet er het laatste uur bijgepeddelt worden. Bij verschillende losmens langs de rivier kan men voor een klein bedrag een binnenband huren.

Attentie!De trektocht in Bukit Lawang is redelijk interessant maar wij raden u aan dit niet te doen indien de locale gids u een heel hoge prijs vraagt.

Geschiedenis Orang Oetangs Lees verder>>>>>>

Brastagi

brastagi-lake-tobaHet hooggelegen Brastagi kent een koel klimaat en was hierom vroeger bij de Nederlanders een geliefd vakantieoord. Het Bukit Kubu, een imposant hotel gelegen in het park dat men bij binnenkomst in de stad passeert, herinnerd aan deze tijd. Het klimaat leent zich uitstekend voor het verbouwen van tomaten, wortels, sinaasappels, passievruchten en bloemen. Brastagi is de hoofdstad van de Karo Bataks en is een goed uitgangspunt voor een bezoek aan de Karo Bataklanden.

De Karo Bataks Lees verder>>>>

Bezienswaardigheden Brastagi en omgeving

Brastagi is onder andere bekend vanwege de fruitmarkt. Deze bekendheid heeft er helaas voor gezorgd dat door het grote aantal toeristen de prijzen van fruit dusdanig de pan uit zijn gerezen dat de lokale bevolking er vrijwel geen inkopen meer doet. Een interessantere markt ligt iets lager in de straat. Trek wel dichte schoenen aan want de prut staat als het geregend heeft tot aan je enkels.

Peceren
Peceren, een typisch Karo dorpPeceren, een typisch Karo dorp, telt meerdere fraai gedecoreerde communale `longhouses'. De huizen zijn aan de achterzijde open voor de in dit werelddeel zo broodnodige ventilatie.De beklimming van de Sibayak

Het pad naar de kraterrand van deze nog altijd actieve vulkaan is breed, maar wel bezaaid met keien, dus niet gemakkelijk lopen. Het begint vlak buiten Brastagi. Ze zijn hier nog altijd bezig met een weg. Na een dik uur lopen kom je bij een veldje aan van wit vulkanisch gesteente, daar houdt het brede pad op. Een smaller pad gaat rechtdoor en voert steil omhoog de krater in. Het begin kan bij regen , en dat doet het hier vaak, glad zijn. Na een klein half uur gestegen te zijn over het smalle pad ga je de kraterrand over. Via een andere route kun je naar beneden. Deze route voert via een deels weggespoelde trap naar de heetwaterbronnen van Semangat Gunung. Het begin van deze afdaling is zeer glad. Het pad eindigt bij geothermische centrale bij desa Semangat Gunung. Hier kun je bijkomen in een van de warmwaterzwembaden van het dorp. Het water is zeer zwavelrijk, dus vergeet niet je zilveren sieraden af te doen. Vanaf het dorp rijden minibusjes naar Brastagi.

Beklimming van de Sinabung

Het uitgangspunt voor de beklimming van deze 2450 meter hoge vulkaan is het Karodorp Marinding, dat op 1200 meter hoogte ligt. Hiervandaan is het 3,5 uur klimmen en 2,5 uur dalen, zonder stops. Het eerste uur loop je door landbouwgronden naar het regenwoud. De boomgrens ligt op 2100 meter. Een deel van de berg is vulkanisch nog actief en doet sterk denken aan een maanlandschap. De afdaling kan bij nattigheid een zeer glibberige aangelegenheid worden.

Van Brastagi naar Prapat aan het Tobameer

Vlak buiten Brastagi, op de weg naar het Tobameer, staat een grote rumah adat. Dit is een aantal jaren geleden gebouwd om als museum te fungeren, maar nooit gebruikt omdat de lokale bevolking hiertegen in verzet kwam. Er was namelijk verzuimd bij de bouw de ouderen te raadplegen. De hoofden van de adat besloten toen dat het geen Karobatak huis was.

Sipisopiso waterval

Sipisopiso waterval Vrijwel alle toeristen die naar het Tobameer reizen maken een stop bij het uitzichtpunt op de Sipisopiso waterval. Hoewel de waterval bijzonder hoog is maakt hij doordat je er bovenop kijkt weinig indruk. Bij het uitzichtpunt liggen een aantal souvenirwinkeltjes en restaurantjes.
Op 20 minuten rijden vanaf de waterval passeer je het dorp Seribu Dolok. Nog geen tien minuten later rij je door Haranggol, een plaatsje aan het Tobameer met een aantal redelijke hotelletjes. Het koningshuis van Pematang Purba ligt een kwartier rijden verder.

Pematang Purba

In het 200 jaar oude dorp Pematang Purba staat het met prachtig houtsnijwerk versierde Simalungun koningshuis. Het Rumah Bolon ('groot huis') was het huis van de koning en zijn familie. De voorste kamer was de slaapkamer van de vorst en werd 'lopo' genoemd. De Balei Bolon werd gebruikt als vergaderplaats. Hier werd ook recht gesproken. De Jambur was het gastenhuis. De benedenverdieping van dit huis werd als stal voor de paarden van de koning en de bevelhebber van de strijdkrachten gebruikt. De Pattangan I was het rusthuis van de koning. Het was verboden terrein voor andere bezoekers. Pattangan II was het huis waar de koningin en de prinsessen zich konden ontspannen. Hier verdreven ze onder andere de tijd met het weven van 'ulos', de traditionele Batakdoeken. Een ander gebouw is de Lesung Bolon, waar de vrouwen padi (rijst) stampten. In de Utei Jungga woonde de bevelhebber van de strijdmacht met zijn familie. Bij de hoofdpoort ligt de Balai Buttu, waar de wachters het komplex bewaakten.

Danau Toba

Lake Toba Het Tobameer, dat door de Bataks als heilig wordt beschouwd, is met zijn oppervlakte van 1700 km² het grootste van Zuidoost-Azië en één van de hoogstgelegen (818 m.) en diepste meren (450 m.) ter wereld. Aan alle zijden wordt het meer omgeven door berghellingen die de laatste jaren meer en meer ontbost raken. Het meer is ontstaan door een gigantische prehistorische vulkanische eruptie. De Nederlandse taalkundige H.N. van der Tuuk was de eerste Europeaan die tot het Tobameer doordrong. Hij bereikte het heilige meer van de Bataks in 1853.

Geschiedenis Tobameer Lees verder>>>>>>

 

Prapat

Prapat is de grootste plaats aan het Tobameer. De plaats was al in de koloniale periode een populaire vakantiebestemming. Het is dat nog steeds, maar tegenwoordig vooral bij de Indonesische rijken en toeristen uit Azië. De overige toeristen stoppen hier enkel om de boot te nemen naar Tuk-Tuk op het Samosir eiland.


Samosir eiland

Samosir eilandVanaf Prapat, de grootste plaats aan het Tobameer, varen bootjes in drie kwartier naar het midden in het meer gelegen Samosireiland. Het eiland, dat qua vorm lijkt op een tafelberg, heeft een oppervlakte van 1055 km2. Het was voor de komst van de Nederlanders geen eiland maar een schiereiland, daar het door een smalle landengte van zo'n 200 meter met het vasteland verbonden was. Sinds de Nederlanders hier een kanaal door hebben gegraven om het mogelijk te maken per boot rond het eiland te varen, is het alleen nog via een brug met het vasteland verbonden. Tegen het graven van dit kanaal is in het begin van deze eeuw nogal wat lokaal verzet geweest, daar men bang was dat zo het contact met de op de vulkaan Pusuk Buhit wonende voorouders verbroken zou worden en het eiland zou zinken als het niet meer met het vasteland zou zijn verbonden. De angst van de lokale bevolking werd weggenomen door de briljante oplossing eerst een brug te bouwen, en pas daarna het kanaal er onderdoor te graven. Zo zou het contact met het vasteland nooit verbroken worden.

Wat te doen op Samosir?

Als u met een aantal mensen bent kunt u eventueel een boot huren om een leuke dagtocht over het meer te maken waarbij bijvoorbeeld Simanindo, Ambarita en Tomok bezocht kunnen worden. Reken op ongeveer €  40 voor de hele dag. U kunt een boot via het hotel laten regelen. Op het eiland kan men ook auto's, motoren en fietsen huren. Hoewel er niet veel verkeer op het eiland is, gebeuren er toch veel ongelukken door loslopend vee en het af en toe zeer slechte wegdek.

Tuk-Tuk

Tuk-tuk is een klein schiereiland aan het Samosireiland. Hier ligt de grootste concentratie hotels. De mensen zijn hier erg op het toerisme ingesteld, en kunnen van alles voor je regelen. Toch wordt je hier totaal niet lastig gevallen, en is Tuk-Tuk nog steeds een plaats waar je voor je rust heen kunt gaan. Hier is het vooral 's avonds gezellig wanneer de lokale jeugd, onder begeleiding van gitaarspel, populaire liedjes en originele Batakliederen (ture ture) in de restaurants opvoeren.

In het kleine dorpje Tomok bevindt zich het oude graf van een van de raja's van de Sibutarfamilie, dat op vijf minuten lopen van de oever van het meer ligt. Het dorpje zelf telt verschillende typisch Tobabatak huizen. Langs de weg naar het graf staan kraampjes waar Batakvrouwen allerlei souvenirs verkopen. Batak-'boeken' met het Batakschrift op de boombast, Batakkalenders op stukjes bamboe, geweven stoffen (ulos ulos), bronzen beeldjes en 'oude' messen en zwaarden. Van authentieke handgemaakte spullen is hier geen sprake; het merendeel wordt machinaal vervaardigd. Bij de ingang van het graf staat een oude banyan-boom. De eilandbewoners beweren dat het oudste graf, het stenen graf met een primitieve buste aan het hoofdeinde, meer dan 350 jaar oud is.

Achter de graven staan een stuk of twaalf willekeurig naast elkaar geplaatste door mos overwoekerde beelden. De beelden stellen een hofhouding met muzikanten voor.

Ambarita

AmbaritaVanuit Tuk-tuk kun je een mooie wandeling van een uur maken naar Ambarita, een typisch Batakdorpje met huizen die versierd zijn met driedimensioneel houtsnijwerk. Zowel in Ambarita als langs de weg er naar toe kom je deze traditionele huizen tegen. De poorten die toegang bieden tot de ommuurde Batakdorpen is volgens voorschrift zo breed dat er een karbouw met lange horens doorheen kan en zo hoog dat een vrouw met een mand op haar hoofd eronderdoor kan. Op de binnenplaats in het oude centrum van Ambarita, waar vroeger recht werd gesproken, staat een 300 jaar oude stenen offerplaats met stenen stoelen en de tombe van Laga Siallagan, een lokale vorst. Wanneer vijanden gevangen waren genomen, werd op deze plaats over hun lot beslist. Meestal was de beslissing negatief en werd deze ten uitvoer gebracht op de nabijgelegen executieplaats. Ongelukkigen werden hier langzaam gevild, vervolgens onthoofd, in stukken gesneden en tesamen met buffelvlees gekookt. Het maal werd weggespoeld met bloed. Op het stenen blok in het midden werden de vijanden onthoofd. Een andere stenen sculptuur wordt de kannibalistische ontbijttafel genoemd. Helaas is de oude Batak-kunst van beeldhouwen in hout en steen onder invloed van het christendom en de islam bijna geheel verdwenen.

Simanindo

Simanindo is een interessant traditioneel Batak Toba dorpje, waarvan het oudste gedeelte nog omgeven wordt door een verdedigingswal. Het grote koningshuis is tegenwoordig een museum. Het aantal buffelhorens aan de buitenzijde laat zien hoeveel generaties vorsten er zijn geweest.

Voor het huis worden in het hoogseizoen dagelijks traditionele dansvoorstellingen in de openlucht gegeven. Aangezien de voorstellingen vrijwel dagelijks plaatsvinden, is het enthousiasme er bij de dansers allang vanaf. Temidden van zo'n honderd fotograferende en filmende toeristen is dit zo ongeveer de meest vreselijke voorstelling die je in Indonesië kunt bijwonen.

Pulau Tao

Op een kleine 10 minuten varen van Simanindo ligt het kleine Pulau Tao, ook wel het 'Honeymoon Island' genoemd, waar u kunt lunchen en zwemmen.

Pagaruran

De weg van Tuk-tuk naar Paguguran is smal en af en toe bijzonder slecht. De route is echter prachtig. U heeft voortdurend uitzicht op het meer. Vergeet echter als u een fiets of brommer hebt gehuurd niet op de kuilen in het wegdek te letten..

Pagururan is goed voor een kopje koffie. Eerder een bezoekje waard zijn de nabijgelegen hotsprings aan de voet van de Gunung Belirang. Je kunt hier lekker badderen. Vanaf de heuvels achter de baden heeft u mooie uitzichten over de omgeving.

Terug naar top

De Batak

Karo-, Toba-, Simalungung-, Pakpak-, Angkola-, en de Mandailing BatakNoord Sumatra is het thuisland van de Bataks. De Bataks worden onderverdeeld in zes stammen.
Dit zijn de zijn de Karo-, Toba-, Simalungung-, Pakpak-, Angkola-, en de Mandailing Batak. De stammen hebben elk hun eigen dialect en gebruiken. Elke Batakstam (marga) bestaat uit meerdere hechte clans (huta) die afstammen van een enkele mannelijke voorouder. Zorgvuldig is men in het bijhouden van de genealogieën die moeten bepalen welke status iemand heeft. Van welke clan men lid is hangt af van de vader.
De Batak gelden als een van de meest trotse bevolkingsgroepen van de republiek. Tegelijk hebben ze minder moeite met het zich aanpassen aan de moderniteiten van deze eeuw dan de meeste andere volkeren van Indonesië. De Batak zijn een van de meest ondernemende bevolkingsgroepen van de archipel. Vooral in het transport, het toerisme en het leger bekleden ze hoge posities. Nasution en Mochtar Lubis zijn bijvoorbeeld Batak.

Geschiedenis Bataks Lees verder>>>>>


Van Prapat naar Tarutung

Van Prapat naar Tarutung Vanaf Prapat verlaat de weg het meer om er in de buurt van het kleine plaatsje Silaen weer terug te komen. Bij Porsea rij je de brug over waar de Asahan het Tobameer uitstroomt. De weg tot Tarutung is gedeeltelijk verbreed en versterkt ten behoeve van de vrachtwagens die af en aan reden tijdens de bouw van de Asahan-waterkrachtcentrale begin jaren tachtig. Deze waterkrachtcentrale, die grotendeels met Japans investeringen tot stand is gekomen, levert ruim 500 megawatt. De rivier de Asahan, gevoed door het Tobameer, mondt in de Straat Malakka uit.

Balige

De laatste plaats aan het meer is Balige, waarna de weg naar het zuiden in de richting van Siborongborong verder gaat. In Balige moet indien mogelijk gestopt worden voor een bezoek aan de Batak markthallen. De markt van Balige is gebouwd in de traditionele Tapanuli-stijl.
De christelijke generaal Panjaitan, die bij de coup van 1965 werd vermoord, is in Balige geboren. Zijn gedenkteken staat in het centrum van de stad. Twee kilometer buiten Balige ligt het graf van de laatste Batakvorst, Sisingamanga Raja XII. Deze raja stond aan het hoofd van de opstand tegen het Nederlandse koloniale bewind, die van 1878 tot 1907 duurde.

Tarutung

Tarutung is een stoffig ingeslapen stadje met een bioscoop, die zoals gewoonlijk gespecialiseerd is in actiefilms van B-kwaliteit. Als je hier een lunchstop moet maken is restaurant Kenari (Jl. D.I. Panjaitan 43) een goede keuze als je van de Sumatraanse keuken houdt. Goed en goedkoop Padangrestaurant. Restaurant Sukaria (Jl. Dr. Tobing) is een goed Chinees restaurant. Het wordt druk bezocht door groepen, dus let op de prijzen. Om de hoek zijn eenvoudige lokale restaurants.

Padangsidempuan

De eerste grote plaats na Taruntung is Padangsidempuan, een stad die bekend is om zijn salak, een naar een zure appel smakende vrucht met een harde bruine schil. Padang Sidempuan wordt dan ook wel Kota salak genoemd. De stad heeft bijzonder weinig te bieden, en wordt enkel door veel toeristen gebruik als overnachtingsstop tussen het Tobameer en Bukittinggi.

Terug naar top

Bukittinggi

Bukittinggi Bukittinggi is het administratieve en culturele centrum van de Minangkabau. Bukittingi (de naam betekent 'hoge berg') ligt op 930 meter hoogte boven de imposante Ngarai, een diep rivierdal, dat in de koloniale periode bekend stond als het 'karbouwengat'.
Bukittingi, dat op 920 meter hoogte op het Agam plateau ligt, heeft een koel en zonnig klimaat en is een van de mooiste steden van het eiland. Aan de ene kant van de stad verheft zich de 2891 meter hoge vulkaan de Merapi, aan de andere kant de hoge Singgalang.

Bezienswaardigheden Fort de Kock

Tijdens de koloniale periode heette de stad Fort de Kock, naar de nederlandse officier Hendrik de Kock. Vanaf het voormalige Fort de Kock heb je een prachtig uitzicht over een deel van de stad en het omringende gebied. Het fort zelf dateert uit 1825, maar is weinig bezienswaardig.

Dierentuin

De heuvel waarop de dierentuin ligt is het hoogste punt van Bukittinggi. Behalve dat de dierentuin aan de meest uiteenlopende Sumatraanse diersoorten onderdak biedt, heeft het een fraaie vogelcollectie. De dieren zien er helaas vaak nogal wat verwaarloosd uit en leven over het algemeen in erbarmelijke omstandigheden.

Minangkabau museum

Minangkabau museum Op het terrein van de dierentuin ligt ook het Rumah Adat Bandjuang Museum, waar magnifieke voorbeelden van de Minangkabause kleding, wapens, beeldhouwkunst en houtsnijwerk bewaard worden. Ook heeft het museum een fraaie collectie muziekinstrumenten. Het museum heeft in 1844 zijn poorten voor het publiek geopend, en is een goed voorbeeld van klassieke Minangkabause architectuur.

Gua Jepang

De Gua Jepang ligt langs de weg die naar het karbouwengat voert. Bij de ingang van dit tijdens de Tweede Wereldoorlog aangelegde gangenstelsel is een relief te zien waarop Japanners op de punt van hun bajonet romusha's (Indonesische dwangarbeiders) aan het werk zetten. Als je het gangenstelsel in wilt, moet je entree betalen. In 1942 is men met de aanleg begonnen, maar de gangen zijn nooit in gebruik genomen.

Winkelen

De pasarliefhebbers moeten nog een bezoek brengen aan de overdekte markthallen en de marktkraampjes op de trappen. De Pasar Atas is in Minangkabau stijl ontworpen. Al jaren beijvert de indonesische regering zich om de markt een definitievere behuizing te geven. De Minangkabause vrouwen die hier inkopen doen, dragen schitterende fleurige kleding. Een groot deel van de markt is in de jaren negentig afgebrand.


Terug naar top

De Minangkabau van West-Sumatra

Ranah MinangWest-Sumatra wordt ook wel eens Ranah Minang genoemd, het land van de Minangkabau. De provincie telt 3,8 miljoen inwoners, waarvan 95 procent Minangkabauers zijn. De Minangkabau maken 25 procent van de Sumatraanse bevolking uit. Ze wonen ook buiten West-Sumatra, in Zuid-Tapanuli (Noord- Sumatra), rond de bovenloop van de Kampar Kiri en de Kampar Kanan (Riau) en langs de Btanag Hari-rivier (Jambi). De vier traditionele Minangkabaustammen zijn de Melayu, Tanjung, Jambak en de Chaniago. Minangkabauers staan bekend als uitstekende boeren en handwerkslieden. Daarnaast hebben ze tevens een belangrijk aandeel in de handel.

Achtergrond Minangkabau Lees Verder >>>>>

De omgeving van Bukittinggi

Goa Ngalau Kamang
Goa Ngalau KamangOp ongeveer 15 kilometer vanaf Bukittinggi ligt de Goa Ngalau Kamang. In deze 15 kilometer lange druipsteengrot zou Imam bonjol zich met zijn volgelingen voor de Nederlanders hebben schuilgehouden tijdens de Padri-oorlog in de eerste helft van de 19de eeuw.

Pandai Sikat
In Pandai Sikat wonen een aantal houtsnijders. Verder worden er in dit dorp ook traditionele stoffen geweefd. Op zaterdag en dinsdag worden hier af en toe stierengevechten gehouden. Vanaf het dorp kan je de Singgalang (2877 m) en de Merapi (2891 m) beklimmen.

Payakumbuh
Zondag is marktdag in Payakumbuh. Bij de brug over de Batang Agamrivier hebben de Nederlanders tijdens de onafhankelijkheidsoorlog een groot aantal mannelijke inwoners van Payakumbuh geëxecuteerd. De brug heet de Ratapan Ibu, ofwel de treurende moeders.

Batang Tabik
Dit door een bron gevoede zwembad ligt vier kilometer vanaf Payakumbuh. Het restaurant bij het zwembad serveert gerechten uit de Padangkeuken.

De Harau kloof
De indrukwekkende Harau kloof ligt vijftien kilometer ten noordoosten van Payakumbuh. In het gebied leven tapirs, wilde geiten en tijgers. Er zijn een aantal zeer hoge watervallen, die vooral in het regenseizoen bijzonder spectaculair zijn. Ook als je het karbouwengat al gezien hebt is deze kloof een absolute aanrader !

Batusangkar
De kleine plaats Batusangkar, 41 kilometer vanaf Bukittinggi, wordt beschouwd als het centrum van de Minangkabaucultuur. In het plaatsje staan een aantal mooie rumah adats, waaronder en traditionele vergaderruimte. Balimbing, tien kilometer ten oosten van Batusangkar, heeft een aantal fraaie oude huizen uit de 16de eeuw.

Pagaruyung
PagaruyungIn Pagaruyung, vijf kilometer vanaf Batusangkar, staat een magnifieke replica van het koningshuis van het veertiende eeuwse Hindurijk Adityawarman.

Kota Gadang
Het kleine dorp Kota Gadang is beroemd vanwege zijn handgeborduurde sjaals en goud- en zilversmeedkunst. Opvallend is ook dat twee oud premiers van het land; Haji Agus Salim en Mohamed Nasir, hier geboren zijn. Je kunt in een half uur van Bukittinggi naar Kota Gadang wandelen en, of teruglopen, of met een minibusje via een omweg terugkeren naar Bukittinggi.

Het Karbouwengat
De Ngarai Sianok is een vier kilometer lang ravijn met steile rotswanden vlak buiten Bukittinggi. Dit ravijn, ons beter bekend als het karbouwengat, wordt ook wel eens de Grand Canyon van Indonesië genoemd. Vanaf het uitzichtpunt (Panorama Baru I) aan de zuidkant van de stad voert het pad naar Kota Gadang de kloof in. Je kunt op de bodem van de kloof heerlijk wandelen, waarbij je af en toe door riviertjes heen moet waden. Je kunt ook in twee à drie uur vanaf Panorama Baru II, dat op 10 minuten rijden buiten de stad ligt, naar Panorama Baru I lopen. Hierbij moet zo'n 20 maal de rivier doorkruist worden. Eerst daal je steil af naar een bamboebrug in de kloof. Je gaat dan niet de brug over, maar linksaf de rivier door.

Wandeling naar het Maninjaumeer
Het is ook mogelijk om vanaf Panorama Baru II in ruim zes uur via Matur en Puncak Lawang naar het Maninjaumeer te wandelen. Hiervoor moet je de bamboebrug beneden in de kloof bij Panorama Baru II oversteken. Vanaf Puncak Lawang daal je in anderhalf uur steil af door het regenwoud en koffietuinen naar het Maninjaumeer. Halverwege die afdaling kun je wat drinken in het junglelosmen van pak Anas. Een lange, maar schitterende tocht ! Neem een gids mee.

Padang, de hoofdstad van West-Sumatra

Padang CityPadang is de hoofdstad van West-Sumatra, het land van de Minangkabau. Het is de op twee na grootste stad van het eiland en telt ruim 300,000 inwoners. De stad is bekend om haar Padangkeuken, waarvan restaurants door de hele archipel te vinden zijn. Een 'must' voor de liefhebber van echt pedis eten. Architectonisch heeft de stad weinig te bieden, en het is vooral vergeleken bij andere grote Indonesische grote steden een nogal ingeslapen stad. Ofschoon West-Sumatra een van de meest welvarende provincies van het eiland is, heeft Padang nogal met leegloop te kampen. Sommigen stellen zelfs dat er in Jakarta meer mensen uit Padang wonen dan in Padang zelf.

Geschiedenis

Aan het einde van de 19e eeuw beleefde de stad en haar omgeving een enorme economische opleving. De bouwwerkzaamheden aan de voor die tijd uiterst moderne Emmahaven waren in 1892 beeïndigd. Vanuit de haven werd steenkool afkomstig uit de Ombilinvelden in de Padangse bovenlanden verscheept. Ook de gouvernementslijn, een spoorwegverbinding met de vindplaats Sawah Loento werd toen opgeleverd.

Het Kerinci-Seblat reservaat is ongeveer 600.000 ha groot en strekt zich over een afstand van 345 km uit over een bergrug, die gedomineerd wordt door de Gunung Kerinci. Deze vulkaan is met zijn 3850 meter de hoogste van Sumatra.

De mysterieuze korte man

Hoewel de kans bijzonder klein is deze dieren te zien, schijnen de olifant, neushoorn, tapir, beer en luipaard hier nog altijd voor te komen. In het reservaat komen geen orang oetangs voor, wel wordt af en toe de mysterieuze orang pendek (korte man) en de mythische cigau (half leeuw, half tijger) in het reservaat gesignaleerd.

Aan het bestaan van deze wezens kan terecht worden getwijfeld, alhoewel men in het verleden toch getracht heeft het te bewijzen. Zo slaagde men er in 1932 op de oostkust van Sumatra een jonge orang pendek te schieten. Het lijk werd voor onderzoek naar het zoologisch museum te Buitenzorg (Bogor) gestuurd. In de kranten werd geprotesteerd tegen het doodschieten van een wezen, dat mogelijk een primitieve mens zou kunnen zijn. De jagers zouden dan ook vervolgd moeten worden voor moord met voorbedachte rade. In Nederland werd bericht over de ontdekte 'missing link'. Het onderzoek wees echter anders uit:
" Noch het skelet, noch de huid vertoont eenige menschelijke eigenschap; alleen heeft men door het afvijlen van de tanden, het kaalscheren van de huid, het afsnijden van den staart en het opwippen van den neus getracht het geheel iets menschelijks te geven"

De beklimming van de Gunung Tujuh

De tocht vanaf de accommodatie in het park naar de top van de kraterrand duurt ongeveer twee uur. Je kunt moeilijk verdwalen, want er is maar een pad. Alleen in het begin moet je vlak na de ijzeren uitkijktoren op de vork het grote pad rechtdoor volgen, en dus niet linksaf gaan. Het pad door het primaire regenwoud is duidelijk en stijgt behoorlijk. Gelukkig is het niet echt warm omdat je in de schaduw loopt en het meestal waait. Je klimt van 1400 naar 1990 meter. Op het hoogste punt ga je de rand over, en daal je in 10 minuten steil af naar het meer, dat het hoogstgelegen meer is van Zuidoost Azië.

Je kunt in het meer zwemmen, maar het water is nogal koud. Er ligt helaas nogal wat afval langs het pad en de oevers van het meer. Naast afval wordt het meer ook omringd door zeven bergtoppen, vandaar de naam Gunung Tujuh (1996m). Je kunt niet verder rond het meer wandelen. Iets naar links (20 m) is de plek waar het water het meer uitstroomt.

Sungai Penuh

Sungai Penuh ligt in de provincie Jambi. Door de hoge ligging is het plaatsje een aangenaam en koel verblijfsoord. Het ligt in een vallei waar naast rijstvelden ook thee-, koffie-, kaneel, en tabaksplantages liggen. Vanaf Sungai Penuh lopen voetpaden in alle richtingen. Naar de Gunung Tujuh met zijn prachtige kratermeer, naar het hooggelegen moerasland rond het Bentu meer en naar het ongerepte regenwoud, het laatste in zijn soort van Zuid-Sumatra, rond gunung Seblat.


Omgeving van Sungai Penuh

Sungai Tetung
In dusun Sungai Tetung, een dorp ten noordoosten van Sungai Penuh, worden manden en gebruiksvoorwerpen van rotan vervaardigd. Probeer hier ook buffelkaas te bemachtigen, een streekspecialititeit.

Sumurup
Bij Sumurup, 11 km van Sungai Penuh, ligt een heetwaterbon.

Van Sungai Penuh naar het Nationale Park Kerinci - Seblat
De streek die je tussen Sungai Penuh en het Nationale park passeert leeft hoofdzakelijk van de thee en de kaneel

Theeplantage Kayu Aro
In Karu Ayo bevindt zich een van de grootste theeplantages van Indonesië. Het is mogelijk een rondleiding te krijgen in de fabriek.

Kersik Tua
Vanaf Gresik Tua, ook wel eens Kersik Tuo genoemd, beklim je de Kerinci. Het dorp telt een aantal eenvoudige homestays zoals Paiman.

Restaurants
Rumah Makan Dendeng Batokok asli is een prima restaurant. Probeer de Dendeng Batokok, de streekspecialiteit. Dit zijn heerlijk malse stukjes vlees van de grill. Rumah Makan Dendeng Batokok istimewa serveert dezelfde gerechten als zijn buurman, maar is iets minder lekker.

Van Sungai Penuh naar Bangko

Het eerste deel van deze rit is prachtig, als je de Kerinci-vallei uitstijgt en door het dicht beboste Bukit Barisangebergte rijdt. Steeds verder dalend kom je in het laagland rond Bangko. Een groot deel van de dag rij je door tropisch regenwoud, maar toch is er vooral tussen Bangko en Lubuklinggau al veel gekapt, en heeft het oerwoud plaatsgemaakt voor oliepalmplantages.
Naast Lampung en Riau heeft vooral ook in de provincie Jambi het tropisch regenwoud te kampen met een onverantwoordelijke exploitatie. Dagelijks komen er schoeners, afgeladen met hout uit Jambi, aan in de Sunda Kelapa, de haven van Jakarta.

De nomaden van Midden-Sumatra

De Kubu leven in de ontoegankelijke regenwouden van Midden-Sumatra. Ze zijn de nazaten van de oorspronkelijke bewoners van het Sunda-gebied en een verre verwant van de Vedda's van Sri Lanka. Ze worden tot de oudste mensenrassen gerekend. Hoewel vele Kubu de laatste jaren opgenomen zijn in de Maleise bevolking van de oostkust, zijn er nog altijd groepen die net als hun voorouders een nomadenbestaan leiden, en leven van de jacht en visvangst.

De Kubu beschouwen zichzelf als deel van het regenwoud. Ze eten wat het woud hen biedt, bosvruchten, bladeren, ratten, slangen, vis en schaaldieren. Gejaagd wordt met een speer of blaaspijp. Pijl en boog zijn de Kubu onbekend. Op de tijger wordt geen jacht gemaakt, daar de Kubu deze als heilig beschouwen. Landbouw wordt niet of nauwelijks bedreven, men leeft van wat men in het regenwoud aantreft. De Kubu ruilen wilde honing tegen speerpunten, tabak en andere levensbehoeften waarin ze zelf niet kunnen voorzien. Hoewel de Kubu ook vissen, zijn ze als de dood voor water. Lichaamsverzorging geschiedt door met een stok het vuil van het lichaam te krabben, en elkaar te ontluizen. Als iemand sterft, of wanneer er een ziekte uitbreekt binnen de groep, wordt onmiddelijk van de plaats des onheils vertrokken, en op een andere plek in het regenwoud een nieuw kamp opgeslagen.

Terug naar top
Danau Ranau

Dit kristalheldere meer ligt in de westelijke hooglanden van Zuid-Sumatra. Het is het oude kratermeer van de nog altijd actieve Gunung Seminung. Het meer meet 16 bij 9 km en is maar liefst 300 meter diep. Het meer krijgt buiten de lokale bevolking nauwelijks toeristen op bezoek, en je hebt buiten de weekends ook in het hoogseizoen hier het rijk voor jezelf.

Wat te doen aan het Ranaumeer

De Subik waterval
Vanaf Wisma Pusri kun je een aardige wandeling van een kwartier maken naar de Subikwaterval aan de rand van het meer. De makkelijke wandeling voert door sawa's en koffietuinen.

Boottocht over het meer
Je kunt ook een boottocht over het kratermeer naar hotsprings aan de voet van de Gunung Seminung maken. Je ziet geen bron, maar het water is wel aangenaam warm om in te mandiën. Met deze boottocht ben je ongeveer drie uur bezig. Het charteren van een bootje via het hotel kost ongeveer €  5 per uur. Vanaf Wisma Pusri is het een klein half uur varen naar de bron. Wanneer je vanaf de airpanas (heetwaterbron) vertrekt en naar links vaart, kom je een kwartiertje later bij Pulau Marisa, een klein eilandje, aan. Is niet echt bijzonder, je hebt het in 5 minuten rondgewandeld. Er is een warung waar wat thee en kokosnoten verkocht worden. Vanaf het eilandje is het 20 minuten varen naar Wisma Pusri.

Beklimming van de Gunung Seminung (1340 m)
Dit is een mooie, maar tegelijk zeer zware tocht, die alleen geschikt is voor goede lopers met een meer dan gemiddelde conditie. Je doet er ongeveer vier uur over om de 1340 m hoge top van de nog altijd actieve vulkaan te bereiken. Langs het pad wordt je opgewacht door grote aantallen bloedzuigers. Het eerste deel van de wandeling gaat ongeveer twee uur door plantages. Daarna gaat het twee uur steil omhoog door een mistig regenwoud. Vanaf de top loop je in drie uur terug over hetzelfde pad. Hou er rekening mee dat hier vaak regent, en dat de afdaling dan heel glad is. Na afloop kun je badderen in hotsprings of zwemmen in het kratermeer.

Lampung

Lampung is de zuidelijkste provincie van het eiland en slechts een tiende deel kleiner dan Nederland. De hoofdstad van de provincie is Bandar Lampung.

Geografie
Lees verder>>>>>

Bandar Lampung
Banjar Lampung bestaat in feite uit twee steden, Tanjung Karang op een heuvel in het noorden, Teluk Betung in het zuiden van de baai. In 1983 heeft men beide steden samengevoegd en tot het huidige Bandar Lampung herdoopt. De hoofdstad van de provincie Lampung is modern en doet wat dat betreft Javaans aan. De straten zijn schoon en de voertuigen goed onderhouden.

Winkelen
De King Supermarket is de grootste van de stad met een hoeveelheid aan levensmiddelen en andere artikelen waar de meeste warenhuizen in Jakarta niet aan kunnen tippen. Tegenover hotel Marco Polo is een kleine weverij waar ook souvenirs te koop zijn en langs Jalan Padang staan kledingstalletjes die ook s'avonds geopend zijn. Toko Ruwajurai (Jl. Imam Bonjol 34) is een goede plek om tapis lampung en songkets te kopen. Er worden ook mooie scheepjesdoeken verkocht.

De omgeving van Bandar Lampung
Het 130.000 ha grote natuurreservaat Waykambas, 125 kilometer ten oosten van Bandar Lampung, is de beste plek op Sumatra om wilde olifanten te zien.
In het reservaat leven ook tijger, de tapir, de wilde hond en het wilde zwijn. Ook vogelkijkers zullen hier volop aan hun trekken komen. Van de 584 Sumatraanse vogelsoorten leven er 286 soorten in dit natuurreservaat. Toch wordt ook dit park bedreigd door houtkapmaatschappijen die hier licensies proberen te krijgen en vaak fiat voor hun verwoestende werk krijgen. Ook de druk van het transmigrasiprojekt is groot.

Van Bandar Lampung naar Java

Bakauheni
Vanaf de haven van Bakauheni vertrekt om de 45 minuten een ferry naar Java. Met helder weer en wat geluk maak je kans de Krakatau vulkaan te zien. De bussen tussen Sumatra en Java nemen allemaal deze ferry. De overtocht duurt een kleine twee uur. Laat je niet afleiden door de schreeuwerige mannetjes, maar koop je kaartjes zelf bij het loket.
Overigens is de prijs voor de ferry meestal al in het buskaartje inbegrepen.

 


Green Wood Travel kan ieder programma organiseren in Indonesië!

Terug naar top